Factoren van invloed op het keuzeproces

In de tabellen 1 t/m 4 is weergegeven wat volgens eerstejaarsstudenten het belang is geweest van voorlichtingsactiviteiten, beïnvloeders en motivatie bij de studiekeuze. De percentages hebben betrekking op de totale responsgroep (N) van eerstejaarsstudenten in 2012-2013. Scores ≥70% zijn groen gearceerd. Scores <50% zijn rood gearceerd.

Tabel 1: Belang van opleidinggerelateerde keuzefactoren

 

havo

mbo

TOTAAL

N (max)

1285

 

750

2352

% (zeer) belangrijk  

 

 

de schriftelijke informatie over de opleiding

66%

<>

61%

65%

de voorlichtingsactiviteiten van de opleiding

66%

+

60%

63%

de reputatie van de opleiding

59%

<>

62%

59%

het intake-, kennismakings- of studiekeuzegesprek met iemand van de opleiding

37%

47%

41%

de gelegenheid die de opleiding bood om vooraf rond te kijken door een meeloopdag of proefstuderen

61%

+

51%

57%

het advies dat kwam uit een beroepskeuzetest

32%

<>

29%

31%

Invloed opleidinggerelateerde keuzefactoren

55%

<>

53%

54%

 

Volgens de wet Kwaliteit in Verscheidenheid mag een hogeschool aankomende studenten verplichten deel te nemen aan studiekeuzeactiviteiten, zoals een intakegesprek. De invloed van een intake-/studiekeuzegesprek of een beroepskeuzetest op de feitelijke studiekeuze is niet zo groot volgens de studenten. Het intake-/studiekeuzegesprek vormt veelal het sluitstuk van het keuzeproces en dient meer als studiekeuzecheck.

 

Tabel 2: Belang van beïnvloeders bij studiekeuze

 

havo

mbo

TOTAAL

N (max)

1272

 

746

2327

% (zeer) belangrijk

 

 

één of beide ouders

52%

<>

51%

51%

de decaan van mijn vooropleiding

17%

<>

16%

17%

één of enkele docenten uit mijn vooropleiding

25%

31%

27%

Belang van beïnvloeders bij studiekeuze

32%

<>

34%

32%

 

Ouders zijn de belangrijkste beïnvloeders bij de studiekeuze: een factor om in voorlichting en communicatie rekening mee te houden.

 

Tabel 3: Belang intrinsieke factoren bij studiekeuze

 

havo

mbo

TOTAAL

N (max)

1506

 

876

2759

% (zeer) belangrijk

 

 

mezelf breed kunnen ontwikkelen

89%

95%

91%

sluit aan bij mijn interesses

97%

<>

97%

97%

mijn kans op inhoudelijk interessant werk vergroten met deze opleiding

90%

94%

91%

het beroep kunnen uitoefenen dat ik leuk vind

95%

<>

96%

95%

sluit aan bij mijn capaciteiten

87%

<>

89%

88%

Intrinsieke motivatie

92%

94%

92%

 

De intrinsieke motivatie wordt in belangrijke mate bepaald door de mate waarin een student om inhoudelijke redenen kiest voor een opleiding. De responsgroep in het onderzoek van de HBO-Aansluitingsmonitor geeft aan dat intrinsieke factoren heel belangrijk zijn geweest bij de studiekeuze.

 

Tabel 4: Belang extrinsieke factoren bij studiekeuze

 

havo

mbo

TOTAAL

N (max)

1499

 

871

2745

% (zeer) belangrijk

 

 

een goed betaalde baan kunnen krijgen

71%

77%

71%

in elk geval een hbo-diploma halen

79%

<>

81%

78%

om later leiding te kunnen geven

40%

49%

43%

Extrinsieke motivatie

63%

69%

64%

 

Bij de extrinsieke motivatie gaat het vooral om de mate waarin een student kiest voor een opleiding omdat het maatschappelijk iets oplevert. De scores vallen bij de extrinsieke motivatie wat lager uit dan bij de intrinsieke motivatie. Studenten laten zich bij hun studiekeuze over het algemeen dus meer leiden door hun inhoudelijke interesse.